menu

Kerstmis, het feest van geboorten...

Alice Woutersen 

Historie volgens de verhalen van het Nieuwe Testament (bijbel):

Het Lucas evangelie vertelt over Maria, de engel die haar bezoekt, over de ontmoeting van Maria en Elisabeth en verderop over de tocht naar Bethlehem, de geboorte van Jezus en dat er geen plaats was in de herberg. Maria wikkelde haar kindje in doeken en legde het in een kribbe. Zo vinden de herders haar. De herders hadden de hemelse heerscharen aanschouwd en de engel had tegen hen gesproken en hen naar het kindje in Bethlehem gestuurd.

Lees je het evangelie dan verder, dan wordt de besnijdenis genoemd en de opdracht in de tempel in Jeruzalem, waar Maria en Jozef duifjes naar toe brengen en Simeon en de zieneres Anna het kindje aanschouwen. Daarna gaat het gezinnetje weer naar huis, naar Nazareth, terug (Lucas 1: 26 - 56 en 2: 1- 39 ).

Het Mattheus evangelie vertelt over Maria, maar vooral ook over Jozef, die contact had met de engel des Heren. Jezus wordt tijdens de regering van koning Herodes geboren in Bethlehem en de wijzen uit het oosten gaan op zoek naar hem, geleid door een ster. Zij vinden hem uiteindelijk in een huis (geen stal!) in Bethlehem en a daar brengen zij hun geschenken. Daarop volgen de bevelen van Herodes, de vlucht naar Egypte en pas vele jaren later reist het gezin weer terug naar Judea ( waar Bethlehem ligt), een engel geeft Jozef echter de opdracht om naar Galilea door te reizen en zich te vestigen in Nazareth (Mattheus 1 : 18 - 25 en 2 : 1 - 23 ).

Deze verhalen zijn door de eeuwen heen verteld en als beeld met elkaar versmolten tot één gebeuren. Allerlei verhalen uit de Apocriefe evangeliën, uit visioenen van mystici (o.a. zuster Bertken ) enz. vulden het beeld aan en het resultaat vinden wij terug op schilderijen, in kerstspelen, vertellingen enz enz. Dit proces verdoezelde voor velen het besefdat er twee verschillende verhalen verteld worden in deze twee evangeliën. Ook de stambomen die in de twee evangeliën beschreven worden verschillen wezenlijk van elkaar ( zie Lucas 3 : 23- 38 en Mattheus 1 : 1- 17 ). En verder vraag je je af waarom alleen Jozef genoemd wordt in deze stambomen en niet Maria? Zij zou toch maagd zijn? Historisch gezien vele vragen!

Er zijn mensen die het onzin vinden hierover na te denken. Wat maakt het toch uit, volgens hen zijn de geboorteverhalen latere toevoegingen. Maar dan komt de vraag: waarom heeft men de twee verhalen dan niet op elkaar afgestemd? Er is toch veel gediscussieerd in vroegere eeuwen over welke evangeliën wel of niet in de bijbel thuishoren. Wanneer het werkelijk een beeld geeft van een historische gebeurtenis, wat zegt ons dat dan? Dit boekje zou heel dik worden door daar diep op in te gaan. In voordrachten spreekt Steiner er vele keren over, hetgeen Emil Bock aanzette tot het schrijven van het boek "Tussen Bethlehem en de Jordaan".

Uit de voordrachten van Steiner blijkt dat er werkelijk twee Jezuskinderen geweest zijn. Je kunt spreken van het Lucas of Herderskind ( afstammend van Nathan en ook wel nathanische kind of ziel genoemd), die weliswaar in Bethlehem geboren is, maar verder rustig opgroeide in Nazereth en van het Mattheus of Koningskind (afstammend van Salomo en daarom ook Salomonische kind genoemd), die zijn eerste jaren doorbrengt in Egypte en pas later in Nazereth komt wonen. Het kind uit het evangelie van Mattheus heeft broers en zusters, in het Lucas evangelie wordt alleen Johannes de Doper als neef genoemd.

Het kind dat de herders zoeken (Lucas evangelie) is volgens Steiner een hele bijzondere en zuivere mensenziel, die nooit eerder geincarneerd is op aarde en ook niet is aangeraakt door de zondeval. Deze nathanische ziel heeft onder leiding van Michael steeds in dienst van de zonnegeest, van Christus, gewerkt.

Het kind van de koningen is een hele wijze ziel die al vele belangrijke incarnaties achter de rug heeft en heel veel wijsheid in zijn ziel verzameld heeft. Steiner noemt hier de ziel van Zarathustra, die de Oud-Persische Cultuur leidde en later rond 600 v.C als grote ingewijde vele leerlingen had. Deze vroegere leerlingen verwachten in deze nieuwe incarnatie (rond het jaar 0) hun "oude" leider weer te vinden; aan de hemelse constellatie nemen zij waar dat hij geboren wordt. Zij brengen hun gaven ( hun wijsheids schatten) als Wijzen uit het Oosten naar hem toe. In het Lucas evangelie wordt gesproken over de 12-jarige Jezus in de tempel en hoe er een enorme verandering plaats vond in het "Herderskind", hij blijkt van de éne op de andere dag opeens heel wijs te zijn (zo wijs als het "koningskind" was).

Wat hier gebeurt, is een heel bijzonder mysterie dat samenhangt met het incarneren van de Zonnegeest, van Christus, in een mensenlichaam. Het incarneren van een goddelijk wezen in een mensenlichaam, vraagt een lichaam dat heel speciaal is voorbereid. Dit lichaam moet instaat zijn de Christus als geestelijk wezen te dragen zonder het direct te begeven. Het moet in staat zijn de Christusgeest te dragen en het houdt het uiteindelijk ruim drie jaar vol dit te doen. Verder moet het de Christus kunnen dienen en hem de mogelijkheid bieden dat Hij mens kan worden en op die manier de noden van de mensen kan leren begrijpen en hen kan helpen door die krachten te ontwikkelen, die de mens nodig heeft om uiteindelijk zijn opdracht te verwezenlijken. Wat is onze opdracht? In de verre toekomst een kosmos van vrijheid en liefde te scheppen en zo de tiende hiërarchie te worden. (Deze kracht noemen wij wel de christuskracht, die sinds het Mysterie van Golgotha in elk mens aanwezig is en deze kracht kunnen wij laten opbloeien als wij dat willen.)

Het fysieke en etherlichaam, dat de Christus nodig heeft, moet zo zuiver mogelijk zijn en het astraallichaam zou als drager van de ziel de hoogst mogelijke aarde- en wijsheidontwikkeling in zich moeten dragen. Dit probleem oplossen was de opdracht van het Joodse volk, het was uitverkoren dat te doen. Steiner beschrijft hoe bij het bezoek in de tempel op 12-jarige leeftijd van het Lucaskind, het ik van het Mattheuskind het besluit neemt in dit zuivere lichaam van het Lucaskind verder te werken en het astraallichaam op een zo hoog mogelijk niveau te brengen, zodat Christus bij zijn afdaling tijdens de doop in de Jordaan het meest ideale lichaam vindt, dat de aarde Hem kan aanbieden. Wij zouden kunnen spreken van drie geboorten.

  1. Het nathaanse Jezuskind (Lucas ev.) gedenken wij in de Kerstnacht en met hem denken wij aan de herders.
  2. Het salomonische Jezuskind (Mattheus ev.) wordt geeerd door de Koningen ( of Wijzen), op 6 januari.
  3. De doop in de Jordaan en het afdalen van Christus in het mensenlichaam ook op 6 januari.

Deze feesten omspannen de 13 heilige nachten.

Het kerstfeest is niet alleen historie, het is ook tot een beeld geworden, een imaginatie, waaraan door de eeuwen heen vele mensen zich gelaafd hebben. Ons gemoed is de eerste die van de kerstbron drinkt. Het kleine kindje in de kribbe beroert ieders hart.

Dan volgt het denken en het zoeken naar wijsheid. Net als bij de Wijzen uit het Oosten komt het kwaad (in de vorm van Herodes) om de hoek kijken. Eigen belang (angst) verspert ons de weg naar het ontmoeten van de wijsheid die verborgen is in het kerstgebeuren. Pas als wij iets gaan begrijpen van het grootse dat met Kerst herdacht wordt, ontstaat er in ons een eerbied en een vreugde over dit historische gebeuren. Een godheid wenst zich te verbinden met de mensheid, het indalen van Christus in een mensenlichaam, dat daar speciaal toe is voorbereid (Epiphanie, de doop in de Jordaan). Dat is niet het enige dat je kunt beleven, het verbergt ook een kerstgeheim voor onze tijd en alle toekomstige tijden in zich.

De herders en de koningen of wijzen, kun je opvatten als twee zielehoudingen die verbonden zijn met bepaalde mysteriën uit de voorchristelijke tijd. De ene zielehouding probeert via de weg van innerlijke verdieping de geestelijke wereld te ontmoeten, de andere zielehouding richt zich juist op de buitenwereld en ontmoet de geestelijke wereld via het waarnemen van de natuur, van de elementen (vuur, water, lucht en aarde) en de kosmos (zon, maan en sterren).

De eerste hoedt, ontwikkelt zijn innerlijke vermogen om openbaringen te ontvangen en is alleen wat betreft de levensbehoeften gericht op de aarde (de herders). De andere onderzoekt, neemt waar en kan ook in de aarde ingrijpen en ontwikkelt uit deze ervaringen wijsheid (de koningen).

In de voorchristlijke tijd waren deze twee mysterie-stromen gescheiden. Hun oorsprong ligt in de tijd dat Atlantis ten onder ging (de zondvloed O.T. (bijbel) Gen. 6:5-9:7). Men situeert dit gebeuren ruim 10.000 jaar geleden. Er ontstonden om wat voor reden dan ook in een heel korte tijd enorme watercatastrofen (in wetenschappelijk onderzoek heeft men aanwijzingen gevonden en er zijn theorieën die veronderstellen dat het te maken heeft met verschuivingen van de aardkorst t.o.v. de noordpool, waardoor hele ijsmassa's in een warmer klimaat terecht kwamen en andere delen plotseling in geweldige koude).

Vlak voor deze catastrofe trok een bepaalde groep van ingewijden met hun leerlingen van het westen naar het oosten. Deze groep splitste zich bij aankomst in het gebied dat wij nu Europa noemen, in tweeën. De ene ging naar het zuiden en van daaruit ontwikkelden zich mysteriën, die via innerlijke verdieping en openbaringen de verbinding met de geestelijke wereld probeerden te behoudende andere ging naar het noorden en kwam in een veel rauwer klimaat terecht. Deze noordelijke mysterie-stroom zocht haar verbinding met de geestelijke wereld via de buitenwereld. Via de waarneming van de sterrenhemel, het weer, de plantengroei enz enz. namen zij de goddelijke wereld waar.

Deze noordelijke stroom buigt naar de Zwarte Zee af naar het zuiden en komt ook terecht in Perzie, waar de Oud-Perzische Cultuur door Zarathustra gesticht wordt. Deze cultuur houdt zich bezig met de Zonnegod (Ahura Masdao), met de aarde en met het kwaad ( Ahriman). Men ontwikkelde landbouw en veredelde graan en dieren zodat de mensen die gebruiken konden als voeding of hulp. Het is een mysterie-stroom, die in dienst van de goden, gericht is op wijsheid, kennis en doen. De herders en de koningen kun je zien als vertegenwoordigers van deze twee stromingen, die beiden hun gaven brengen aan het Jezuskind. Deze mysteriestromen leefden vrij gescheiden van elkaar en komen hier samen. Zij worden beiden als het ware opgenomen en door Christus (via het Mysterie van Golgotha) samengevoegd en gemetamorfoseerd tot de Christelijke inwijdingsmysteriën. Beide wegen kunnen wij nu in ons verenigen en beide wegen kunnen wij nu tegelijk gaan.

De herdersweg is de weg via het gevoel, dat verbonden is met het hart, maar in de na-christelijke tijd moet dat niet meer alleen gericht zijn op het innerlijk van de mens, maar op de wereld om ons heen en de wijsheidsweg van de koningen moeten wij niet alleen gaan om de buitenwereld te leren kennen, maar gebruiken om ons verleden en hoe wij geworden zijn enz. te doorlichten, met andere woorden het leren begrijpen wat de mens is, wie of wat jezelf bent en hoe karma werkt. Wij kunnen beide wegen gaan en op ons pad de christuskracht die wij in ons dragen gebruiken en laten ontwikkelen. Deze kracht werkt als warmte en licht in alles wat wij vanuit ons hart doen en het kan ons hoofd doorstralen en alles bevruchten wat wij denken en uiteindelijk uitvoeren. Samenvattend kun je zeggen dat het hart als liefdeskracht moet werken in ons denken, voelen en willen. Op deze wijze kan de geest (of geestkind) in onszelf geboren worden en dat is de vierde geboorte met Kerstmis: de mensenziel baart de "geest". Een waarlijk geestelijke ontwikkeling begint.

Zijn wij in staat deze wegen te gaan? Ja, iedereen is daartoe in staat. Maar wij moeten zelf de keuze maken werkelijk op weg te gaan. Wij hebben de vrijheid gekregen om zelf een besluit te nemen. Liefde laat zich niet afdwingen, ze kan alleen uit vrije wil geschonken worden. Liefde en vrijheid zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden.

Op ons noordelijke halfrond van de aarde hebben wij hulp gekregen voor deze ontwikkeling. Wanneer je de wind mee wil hebben van de geestelijke wereld, dan kun je de in- en uitademing van de aarde benutten om je te helpen. Waarom? Omdat wij voor beide wegen hulp nodig hebben en de seizoenen helpen ons daarbij.


Literatuur

  • Emil Bock, Tussen Bethlehem en de Jordaan. uitg. Christofoor ISBN 90 6238 174x
  • S.O. Prokofieff, Der Jahreskreislauf als Einweihungsweg zum erleben der Christus-wesenheit. uitg. Verlag Freies Geistesleben ISBN 3-7725-0857-x

© Het Zonnejaar 1980 - 2024